Pesach is het 'Joodse Paasfeest'. Traditioneel eet men met Pesach matzes, dit zijn een soort crackers die men ook op de Paastafel veel ziet. Het verhaal achter de matzes is dat er geen tijd was om de broden te laten rijzen, omdat men vluchtte en dus snel weg moest. Vandaag de dag worden daarom nog steeds matzes gegeten. Vaak eet je die met een eitje, roomboter + basterdsuiker of wat je maar wil. Een ander bekend recept met matzes is
matzeballensoep. In dat recept worden de matzes vermalen en tot een soort dumplings gemaakt die je in je soep eet. Vandaag doen we iets heel anders met de matzes: we maken er een dessert van.
Gezonder variant op matzetaart
Matzetaart is een bekend recept wat makkelijk om te maken is met (restjes) matzes. Vaak is het echter een heel ongezend gerecht met room en/of boter en suiker. Ik ging voor een wat lichtere variant die minstens zo lekker is! De matzes doop je, net als bij een tiramisù, in de koffie om deze vervolgens te bedekken met een chocolade-kokosmelk mengsel. Het is belangrijk om een goede kokosmelk te kiezen, geen 'light variant', anders loop je het risico dat de taart niet goed opstijft.